#DB4 Antwoord: intensiteit geeft kwaliteit

3 juli 2017

Hallo Marije,

Alles goed?
Het zijn meer bezweringen dan vragen hè? Dit soort ontmoetingsrituelen. Ik interpreteer het altijd maar zo, als een wens dat alles goed met je gaat. De goede wil van de ander veronderstel ik maar, het antwoord is volgens mij met zo’n vraag minder van belang.

Ja, verlangen. En óf ik dat herken, dat verlangen! Die wil om de ander te snappen, te begrijpen, om te voelen wat die ander voelt. In de spreekkamer soms ook om woorden te vinden voor wat de ander misschien niet kan zeggen. Mooi dat je dat als een soort aanzet in jezelf ziet, je noemt het zelf letterlijk een vuurtje. Ik moet denken aan de “onbewogen beweger” van Aristoteles, dat waaruit alles ontstaat.

Jij noemt verder tijd als beperkende factor. En ik zal de laatste zijn omdat te ontkennen. Één van de problemen die ik ervaar is dat als iemand echt begint te vertellen over zaken die hem ten diepste raken, de tijd voor die persoon lijkt te verdwijnen. Overigens soms ook als je net zo intensief zit te luisteren. Maar de realiteit is dat als we met patiëntenzorg bezig zijn, er altijd wel weer een afspraak ná deze staat. En dat “na” is toch echt een tijdsbepaald begrip…
Vorige keer hadden we het over het contrast tussen tijd en kwaliteit. Ik haal er een ander begrip bij: Intensiteit. Intensiteit kan tijd verlengen. Als jij jouw vuurtje, jouw verlangen om die ander te begrijpen, laat doorschemeren in je luisteren, dan maakt de intensiteit van het gesprek dat er meer kwaliteit in dezelfde tijd zit. Kwaliteit = (intentie + tijd) x intensiteit.

Ik vond het interview van Manu Keirse dat je meezond geweldig om te lezen. Ik heb respect voor zo’n persoon en ik vond zijn levenslessen de moeite waard om te lezen en er weer een klein stukje van mijn denken en overtuigingen mee te verrijken.

Waar ik zelf dan wel eens last van heb, is mijn eigen onrust. Mijn brein heeft de neiging van alles bij elkaar te associeren. Luisteren is eigenlijk die neiging onderdrukken, omdat je je verplaatst in de gedachten en gevoelens van de ánder. En dat is op zich niet zo’n probleem, tot na een tijdje breinmans begint te schuiven, te kuchen en met zijn voet te tappen. Dan vindt hij het wel weer lang genoeg duren en gaat hij parallel aan het luisteren zélf van alles suggereren en influisteren. Plop, gedachte hier, floep, beeld daar. Stil, breinmans! Ik vind ’t een nare eigenschap, maar ik ben ook maar geboren met dit gereedschap. En gelukkig is er volgens mij wel een redelijk gezond evenwicht gevonden in de loop van de tijd.

Herken je hier iets in? Of heb je daar geen last van?

Hartelijke groet,

Bart

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *